Perfect

Gelovend

in zijn web van leugens

omdat het zo gegaan

had kunnen zijn

is hij allang vergeten

waar het eigenlijk om gaat

heeft dat vanaf

het begin al niet geweten

Perfect is hij, de jaloezie,

het onbegrip van zijn omgeving

is lastig, maar hij schudt zo

een nieuwe waarheid uit zijn mouw

Hij is het helemaal, dat weet

toch iedereen

die hem niet kent?

Voorbij

Iedere schreeuw op straat

een jankende sirene

valt me op alsof er nu

nog iets te redden valt

wetend dat alles in stilte

gebeurde, je kreeg niet de kans

te schreeuwen of om hulp

te vragen. Ineens lag je daar

nog even levend maar

het leven bloedde uit je en

verspreidde zich op straat

Pas toen het niet meer nodig was

kwam het publiek, werd je

geholpen bij je doodsstrijd

die je toch

alleen moest voeren

pas toen je er niets meer aan had

kreeg je een naam, een plaatsje

in de krant

en een paar schamele bloemen

je kwam

en ging voorbij

De tram klingelt zoals

vroeger op de kermis in de

rups- als je de pluim pakte

mocht je nog een gratis rondje

Kinderen lopen vrolijk en zonder mondkapje op straat

dichtbij elkaar – behalve thuis

naar school gaan is alles

Onveranderd, is het een gewone

vrijdag. De stoep is alweer

schoongeboend, rood-witte

linten

verdwenen.

Alsof de dood

nooit is geweest.

De dagen

De dagen, ze zijn me iets

te lang, te vol en soms teveel

kon ik maar

zo heel af en toe

een pauze nemen

de aarde stilzetten

het volume uit

mijn hoofd leeg

laten stromen

om dan daarna

een frisse start

zonder bagage, zonder

verleden

te maken alsof

het ochtend is

alsof ik ontwaak

Hangmobiels

Zo’n tien minuten lopen vanaf ons huis zit een overdekt winkelcentrum. Zo noem ik het, maar het mag geen naam hebben. Twee supermarkten, een slager en de Action.

Binnen gebeurt er, behalve hamsteren en voordringen niet zoveel. Buiten echter verzamelt zich een groepje mensen die ogenschijnlijk niets gemeen hebben. Mannen, vrouwen, oud, jong, dun, dik, enfin u begrijpt het. Wel zitten ze allemaal in een scootmobiel. Soms gaat er een fles wijn rond, of blikken bier. Vermoedelijk wordt er wel gecommuniceerd onderling, maar hoe dat gaat heb ik nog niet ontdekt.

Ze kunnen praten, of roepen. Vorige week riep iemand uit de groep “Ha, buurvrouw!” naar een voorbijgangster. Een groet die ze mompelend beantwoordde met: “Ouwe gek”. Af en toe zit er een vrouw op de stoep, zonder scootmobiel, die staccato herhaalt: “Help, ik heb het zo koud”. De mobiele brigade roept dan dat ze “In de zon mot gaan zitten”

Vandaag was het tweede Paasdag, het sneeuwde en ze waren er niet.

Ik miste ze toch een beetje.